Matthieu van Riel maakt schilderijen en objecten met pure pigmenten.

 

Ze gaan over de essentie van het landschap, het immateriële, het niets. Over ruimte, licht, donkerte, het weidse en in het bijzonder het 'platte' (flatness) in het Nederlandse landschap.

 

Hij is gefascineerd door het vlakke weidse Hollandse polderlandschap en het majestueuze Mont Blancmassief en de Hardangervidda in Noorwegen. 

In zijn studio liggen stapels foto's van akkervelden, bergen, bossen en kustlijnen gemaakt tijdens zijn wandelingen in Nederland, Scandinavië, de Alpen en Dolomieten. Deze foto's zijn het uitgangspunt voor zijn werk.

 

Tijdens het proces van het schilderen zelf, reduceert en vereenvoudigt hij de landschapelementen voortdurend, om de beelden schematischer te maken, conceptueel alsook platter.

 

De vroegste werken die teruggrijpen op ‘het liggende’, de platheid van het landschap zijn de monumentale vloerobjecten met metaalplaten en massala (een Hindoestaans kruidenmengsel) en pigmenten uit 1985 en 1986. Het zijn abstraheringen van akkers, meestal rechthoekig van vorm, zoals je die ziet in het Nederlandse landschap.

 

De pigmentobjecten, opgebouwd uit fijne pigmentkorreltjes, zijn uiterst kwetsbaar. Een zuchtje wind of aanraking zal het pigmentvlak aantasten en het beeld doen verdwijnen. Afhankelijk van de lichtval lijkt het pigmentvlak door de sterke kleurintensiteit te zweven boven de vloer of er juist fluwelig diep in weg te zakken.

 

Zijn contemplatieve werken bieden de beschouwer een ervaring van stilte en leegte om even te ontsnappen aan de continue belaging van beeld en vermaak.

 

Matthieu van Riel

 

31.07.2018